Fiscale maatregelen ter stimulering van de woningmarkt

De woningmarkt ondervindt nog steeds gevolgen van de kredietcrisis. Bouwprojecten worden, al dan niet tijdelijk, stopgezet. De daling van huizenprijzen lijkt weliswaar een halt te zijn toegeroepen, maar de verkoop van woningen trekt slechts mondjesmaat aan. Het kabinet stelt een aantal maatregelen voor om de woningmarkt een impuls te geven:
– uitbreiding eenmalig extra verhoogde vrijstelling aanschaf woning Successiewet;
– uitbreiding eigenwoningschuld met leningen voor kosten van verbouwingsschulden;
– tijdelijke verlaging btw-tarief arbeidskosten renovatie woningen (van 19% naar 6%);
– tijdelijke verlenging termijn overdrachtsbelasting bij doorverkoop woningen (van 6 maanden naar 12 maanden);
– maximumtermijn hypotheekrenteaftrek leegstaande woning verlengd met één jaar;
– herleving hypotheekrenteaftrek na tijdelijke verhuur;
– derde tranche uitkering stimulering woningbouw;  en
– verlenging verhoging Nationale Hypotheekgarantie.

Verlaagd btw-tarief op arbeidskosten bij renovatie en herstel van woningen
In zijn besluit van 30 augustus 2010 keurt de minister van Financiën goed dat het verlaagde btw-tarief van 6% met ingang van 1 oktober 2010 van toepassing is op renovatie en herstel van woningen onder de voorwaarde dat de woning meer dan twee jaar in gebruik is. Het verlaagde btw-tarief geldt voor de loonkosten maar niet voor de materialen. Onder renovatie- en herstelwerkzaamheden worden verstaan: het vernieuwen, vergroten, herstellen of vervangen en onderhouden van (delen van) de woning.

Het besluit treedt in werking met ingang van 1 oktober 2010 en bepaalt dat het verlaagde btw-tarief van toepassing is als de dienst is afgerond op of na 1 oktober 2010 en voor 1 juli 2011. In het besluit wordt een aantal zaken uitgebreid beschreven zoals het splitsen van arbeid en materialen. Voor de toepassing van het verlaagde btw-tarief is niet van belang wie de opdrachtgever voor de werkzaamheden is. Het verlaagde btw-tarief geldt voor iedereen: van particulier tot woningstichting.

Voor gemeenten is het besluit met name van belang bij de renovatie van woningen en het bepalen van de omvang van subsidies voor het renoveren van woningen in het kader van stedelijke vernieuwing. Bij het bepalen van de hoogte van de te subsidiëren kosten dient de tot de kosten behorende btw op 6% btw te worden gesteld. Als woning zijn verder aan te merken de aanleunwoning, de studentenflat, het klooster voor zover in gebruik voor permanente bewoning en de zogenoemde tweede woning als permanente bewoning daarvan is toegestaan. Garages, schuren, serres, aan- en uitbouwen, tuinhekken en dergelijke vallen onder het begrip woning als zij zich bevinden op hetzelfde perceel als de woning.

Bron: Belastingnieuws Binnenlands Bestuur van PwC, het Belastingplan 2011 en Ministerie van Financiën 30-08-2010, nr. D-V-10-339M en 31-08-2010, nr. AFP/2010/364U.

Over belastingvragen

Ervaren belastingadviseur
Dit bericht werd geplaatst in Erf- en schenkbelasting, Inkomstenbelasting, Loonbelasting, Omzetbelasting, ZZP en getagged met , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s